DSC09758

“Mam, krijg ik deze snoepjes?”

“Morgen is het feestje. Ik heb geld nodig om een cadeautje te kopen.”

“Mijn fiets is stuk. Hij moet écht nieuwe onderdelen”.

“Gaan we naar de kermis? Ik wil zooo graag in de achtbaan!”

“Oooh, kijk dan, dat nieuwe spel is uit. Daar zat ik op te wachten! Kunnen we dat nu gaan halen?”

“Wanneer gaan we weer op vakantie? Of iets leuks doen?”

Zoveel wensen, zoveel te doen. Veel heeft te maken met geld. De meeste wensen en verlangens hebben met geld te maken, zelfs kleine wensen.

Vanaf de állerlekkerste snoepjes en speeltjes nemen kinderwensen toe. De wensen worden ook groter. We leven in een maatschappij waarin veel is, veel kan en vooral snel, het liefst NU.

Heel belangrijk om onze kinderen te leren dat niet alles zomaar komt “aanwaaien”.

Het is fijn als je veel voor je kind kunt doen, dan ben je een rijk mens (in geld bedoel ik dan). Kunnen “doen” is heel wat anders dan “zomaar geven”. Een kind weet meestal haarfijn wanneer het “zomaar wat kan krijgen” bij zijn of haar ouders. Een kind oefent welk gedrag iets oplevert en wat niet werkt. Als je kind van kleins af aan geen enkele reactie krijgt op: “mag ik dit toetje?”, dan zal het vrij snel stoppen met die vraag stellen. Je kind heeft ervarend geleerd dat dit niets oplevert. Als het soms effect had, en een andere keer niet: dan zal je kind blijven uitproberen wanneer het zinvol is om te vragen en wanneer niet. 😉 Kinderen zijn namelijk heel slim, én ze onthouden heel veel!

“Bij ons krijgen ze zakgeld, daar hoeven ze niets voor te doen”.

Dat is fijn voor je kinderen. Dat is rijkdom voor ze, toch? Of is het een vanzelfsprekendheid voor ze? Dan zijn ze er niet dankbaar voor, dan is het ‘gewoon’.

Een kind maakt deel uit van een gezin. Een gezin is een systeem waarin allerlei dingen gebeuren iedere dag opnieuw. Er wordt opgestaan, gegeten, schoongemaakt, gewassen, boodschappen gedaan, gekookt, opgeruimd, er zijn allerlei taken te doen op een dag. Wie doet wat in huis? Is het vanzelfsprekend dat 1 persoon eigenlijk alles regelt en doet (moeder misschien)? Dat is fijn… Vindt die persoon dat ook fijn? Misschien is het fijn als die persoon iedere dag wat hulp krijgt. Vele handen maken licht werk, én het is misschien wel fijn om taken samen te doen? Samen koken kan heel gezellig zijn, of tijdens het afwassen heb je eens een ander gesprek. Iedereen in huis mag zijn steentje bijdragen, het komt tenslotte niet “aanwaaien”. Het begint klein. Wist je trouwens dat als iemand anders een keer kookt, het eten anders smaakt, of er zomaar een verrassend gerecht op tafel kan komen staan? Hoe leuk is dat!

Daarnaast zou het zo kunnen zijn dat als een kind bijvoorbeeld gestofzuigd heeft, hij of zij beter oplet om de vloer schoon te houden. Om zuinig te zijn op de inspanning die net gedaan is, super toch!

Toen je kind klein was, wilde hij of zij je graag helpen als je ging poetsen, stofzuigen of strijken? Wat zag dat er toch super schattig uit! En hoe is dat vandaag de dag? Helpt je kind nog mee? Of “hoeft” dat niet meer? … En dat is, omdat?…

–           je toch niet weet wat je anders met je tijd zult doen?

–          Je verveelt je anders zo de hele dag

–          Je zelf toch het beste doet

–          anders moet je het toch over doen

Tja, alle begin is moeilijk… Oefening baart kunst. Hoe vaker je iets oefent, hoe beter je er in wordt. Kijk maar naar de online spelletjes, en games. Veel kinderen oefenen deze veel en vaak, daarom zijn ze er zo goed in! Eigenlijk weet iedereen dit wel. Dezelfde regel geldt natuurlijk ook voor dingen die minder leuk zijn om te doen… Ai.

Het is een aloud principe: ik doe iets voor jou, jij doet iets voor mij. Hiermee leert het kind vanaf jonge leeftijd dat niet alles zomaar vanzelf komt “aanwaaien”.

“Ik krijg 50 euro per maand, 20 euro van mama, 20 euro van oma, en 10 van papa”, zei de jongen van 11.

Op mijn vraag wat hij daarvoor moest doen, zei hij: “Niets.” Hij vond mijn vraag ook raar, hij begreep niet wat ik bedoelde. Ik vroeg hem of hij daarvoor taken in huis moest doen of buiten. “Nee hoor, zei hij, dat geld krijg ik gewoon”. Dan worden je moeder en oma natuurlijk wel verrast met wat moois met moederdag opperde ik. “Nee, zei hij, ik heb een PlayStation4 gekocht met een spel. Het geld is nu op. Het ging best snel, het sparen”.

Als iets écht een uitdaging was om voor elkaar te krijgen, dan is het gevoel van overwinning veel groter als dat het “aan komt waaien”. Meer inspanning levert meer voldoening op. Je bent over het algemeen zuiniger op iets waar je lang voor hebt gespaard.

Onze jongen had maaaanden gespaard en klussen gedaan om VEEL geld te sparen voor de kermis. Hij wilde serieus kermis gaan vieren! Als ouders dachten wij dat hij enorm zou gaan genieten van alle attracties waar het al weken over ging… (we hadden geen vragen gesteld). Éindelijk was het zover, het was kermis. Hij stond te popelen, wanneer gingen we nou!? We kwamen aan op de kermis, en daar ging onze jongen. Zijn portemonnee vol gespaard en gewerkt geld… Hij ging regelrecht naar de grijpautomaten… Onze mond zakte open… Hij glunderde en glansde!… Een jongeman met een plan, dat was duidelijk. Euro voor euro ging in het apparaat, en nog meer, en nog meer. de euro’s vlogen zijn portemonnee uit. We zagen frustratie en irritatie groeien. We vroegen wat de bedoeling was? Hij vertelde dat hij het jaar daarvoor al had gezien dat de Nintendo die hij wilde gegrepen kon worden, veel goedkoper dan in de winkel! Hij had bedacht dat hij dat wel voor de helft van het geld voor elkaar zou krijgen! Hij wilde zijn doel halen, hij had er tenslotte een heel jaar over nagedacht… Op deze manier kon hij heel goedkoop aan een Nintendo komen. Hij heeft zijn doel niet gehaald. Hij was heel snel door zijn al zijn geld heen, enorm overstuur, teleurgesteld en heel boos! We zijn naar huis gegaan, hij was klaar met de kermis. De lol was heel snel voorbij, ook voor de rest van het gezin 🙁  Hij heeft heel veel geleerd van dat kermis bezoek. Hij heeft de grijpers nooit meer aangeraakt. Hij bezoekt de kermis nu anders, gelukkig. (met Sinterklaas kreeg hij een Nintendo, wat een fijne man is het toch!)

Voor ons was het een lastige les, ook om hem te weerhouden op de kermis. We hebben hem zijn plan laten volgen, en hem ervarend laten leren, hoe moeilijk en pijnlijk dat dat ook was om te zien.

Stel je voor dat een kind al op jonge leeftijd zakgeld krijgt, een klein bedrag iedere week. En daartegenover staat een taakje in huis iedere dag; bijvoorbeeld de tafel dekken, de vaatwasser in of uitladen, hond uitlaten of de ontbijttafel dekken. En als hij of zij meer geld zou willen? Dan zou je daar andere taken bij kunnen bedenken; konijnenhok schoonmaken, in de tuin wat doen, was uitsorteren, stofzuigen, kamer poetsen? en daar staat een bedragje tegenover. Dan kan het kind kiezen wat het aanpakt, of niet.

Stel je voor dat je kind een prachtig stickerboek heeft gezien, wat jij veel te duur vindt… Dan kan het kind dat zelf kopen! Weet je wat voor een trots gevoel dit kan geven? Zoveel voldoening… Dat gun je toch ieder kind?

Of je kind krijgt ‘vakantiegeld’ aan het begin van de vakantie, om in de hele vakantie zélf te kunnen beslissen wanneer en wat hij of zij zal kopen als aandenken van de vakantie… Wat een rijkdom voor het kind! (en jij krijgt geen vragen meer in iedere souvenirshop, wat een rust!) maar, ook hier geldt: … oefening baart kunst. (als het geld in de 1e de beste winkel wordt uitgegeven, zijn 2 weken nog lang om te blijven zeggen: “Nee, weet je nog? Je geld is op”) Bij de volgende vakantie gaat het vast beter 🙂

En dan zijn er de “onbetaalbare”, waardevolle momenten en ervaringen. Die gaan juist niet over geld… Die gaan over “zomaar”, omdat het kan, of omdat het nodig is. Of gewoon zomaar. Dat je als vader wordt geholpen doordat je gereedschap wordt aangegeven als je aan de auto aan het werken bent, gewoon omdat het leuk is om samen te werken. Of komt je zoon je helpen met afwassen omdat je dan je gesprek kunt afmaken. Of helpt je dochter je met veel boodschappen opruimen waarmee je net binnenkomt lopen, gewoon zomaar zonder dat het gevraagd is. Dat is dan een ander “level” van helpen, (om maar te spreken in de taal van deze tijd) dat gaat over inzien waar je de ander blij mee kunt maken op dat moment, wat zich voordoet, en wat je oppakt. Dat levert geluksmomenten op, daar groeit de gever van, en verwarmt het hart van de ontvanger.

Waardenvol geld, en waardenvol zonder geld. Natuurlijk leren, iedere dag een beetje.